02/09/2026

Mariya wil maar één ding: terug naar huis

Mariya is 15 jaar en woont in het Rohingya-vluchtelingenkamp in Cox’s Bazar, Bangladesh. Deze grootste vluchtelingenlocatie ter wereld huisvest ongeveer 1,1 miljoen Rohingya-vluchtelingen.

VSO-vrijwilligers waren hier enkele jaren geleden actief om onderwijs te bieden voor kinderen. Maar hoe is het leven in het kamp nu? We spreken Mariya.

Als kind op de vlucht

In 2017 vluchtte Mariya op 6 jarige leeftijd met haar familie vanuit Myanmar, na grootschalig geweld tegen de Rohingya. Huizen van familieleden en buren werden in brand gestoken. Ook haar familie werd bedreigd dat hun huis zou worden verwoest. Uit angst voor hun leven sloegen ze op de vlucht.

De reis naar Bangladesh was zwaar. Samen met haar ouders, broers en zussen, familieleden en buren trok Mariya door hevige regen en onweersbuien. Eenmaal aangekomen moesten ze met meerdere familieleden in één kamer wonen. Mariya voelde zich niet gelukkig. Ze hadden hun leven gered, maar waren alles kwijtgeraakt wat vertrouwd was.

Mariya groeide op in het vluchtelingenkamp in Cox’s Bazar, nadat ze als zesjarig meisje uit Myanmar vluchtte.

Niet vrij

Bijna tien jaar later woont Mariya nog altijd in het vluchtelingenkamp. Het leven is zwaar. De kampen zijn dichtbevolkt en gezinnen wonen in kleine, zelfgemaakte onderkomens van bamboe en plastic zeil. De hutjes bieden weinig ruimte en privacy. Bij hevige regen en storm kunnen de kwetsbare onderkomens bovendien gemakkelijk beschadigd raken.

Veel gezinnen zijn voor hun basisbehoeften afhankelijk van humanitaire hulp. Zelfstandig een inkomen opbouwen is voor Rohingya-vluchtelingen moeilijk. En voor vrouwen en meisjes is het leven in het kamp extra moeilijk. Ook Mariya voelt zich beperkt in haar dagelijks leven.

“Als meisje kan ik niet zomaar naar buiten. Daarom zit ik vooral binnen.”

Als vrouw of meisje alleen naar de markt of een andere plek in het kamp gaan, brengt risico’s met zich mee. Mariya vertelt over intimidatie en ontvoeringen. In de kampen lopen vrouwen en meisjes risico op geweld, uitbuiting en andere vormen van gendergerelateerd geweld.

Mariya wil ook naar school

Mariya ziet meisjes van haar leeftijd buiten het kamp naar school gaan. Zij kunnen leren, een opleiding volgen en nadenken over wat ze later willen worden.

“Het doet pijn om meisjes van mijn leeftijd naar school te zien gaan. Zij kunnen leren en vooruitkomen. Waarom hebben zij die kans wel en ik niet?”

Als er vrede was in Myanmar, zou haar leven er volgens Mariya heel anders uitzien.

“Als er vandaag vrede was in mijn land, zou ik waarschijnlijk in klas negen of tien zitten.”

Een toekomst die stil lijkt te staan

Voor veel Rohingya-kinderen is onderwijs niet vanzelfsprekend. Er zijn onderwijsvoorzieningen van hulporganisaties in de kampen, maar het kamp is enorm groot en deze voorzieningen bereiken niet ieder kind. Daardoor zijn de mogelijkheden om onderwijs te volgen beperkt.

Juist daarom zette VSO zich vanaf 2018 in voor onderwijs in de kampen. In Camp 15 in het Rohingya vluchtelingenkamp werkte VSO met 12 onderwijscentra voor kinderen van 6 tot 14 jaar. In 2019 kregen daar meer dan 1.100 kinderen onderwijs. De centra boden kinderen een veilige plek om te leren en te spelen, maar ook om even weg te zijn van de moeilijke omstandigheden van het dagelijks leven in het kamp.

Voor jonge kinderen werkte VSO daarnaast met moeders en andere vrouwen uit het kamp die VSO-vrijwilliger werden. Zij stelden hun eigen huis in het kamp open als tijdelijke klasruimte. Op deze manier leerden kinderen van 3 tot 5 jaar spelenderwijs de basis van lezen, schrijven en rekenen. Ook was er aandacht voor hun emotionele ontwikkeling.

Zo kregen kinderen de kans om zich te blijven ontwikkelen, ondanks de omstandigheden waarin ze opgroeiden. Onderwijs gaf hen niet alleen kennis, maar ook een veilige plek waar ze even kind konden zijn.

Een deel van het Rohingya-vluchtelingenkamp in Cox’s Bazar.

Haar grootste wensen

Mariya’s grootste wens is niet een groter huis of meer eten. Ze wil terug naar haar land.

“Mijn grootste wens is om terug te keren naar Myanmar.”

Maar terugkeer is op dit moment niet zomaar mogelijk. De omstandigheden in Myanmar zijn nog niet goed voor een veilige en duurzame terugkeer. Ook voor haar eigen toekomst blijft Mariya hopen. Ze hoopt dat haar broers en zussen wel de kansen krijgen die zij zelf heeft gemist.

“Ik blijf proberen om weer naar school te gaan. Maar als het mij niet lukt, hoop ik dat mijn broers en zussen wel kunnen studeren. Dan kunnen we als familie een beter leven opbouwen.”

Help kinderen zoals Mariya

Kinderen zouden niet hun huis, school en toekomst moeten verliezen omdat oorlog en geweld hen dwingen hun land te ontvluchten. Toch gebeurt dat. Van het ene op het andere moment moeten kinderen afscheid nemen van hun vertrouwde omgeving en opnieuw beginnen.

VSO vindt dat kinderen juist in zulke situaties de kans moeten krijgen om te blijven leren. Een veilige plek om te leren, te spelen en nieuwe dingen te ontdekken kan kinderen helpen om zich te blijven ontwikkelen, ook wanneer hun gewone leven volledig is ontwricht.

Help mee en geef kinderen die door oorlog en crisis hun school en vertrouwde omgeving zijn kwijtgeraakt de kans om weer te leren en vooruit te kijken.